| Binnen de Gecoördineerde Regionale Incidenten bestrijdings-Procedure worden een aantal opschalingsfasen gehanteerd: |
| GRIP 0: Motorkapoverleg - Het incident vraagt om een gecoördineerde aanpak;
- Deelnemers zijn Politie, Brandweer en Ambulancedienst;
- Het incident blijft binnen de gemeentegrens;
- De uitstralingseffecten zijn beperkt.
|
GRIP 1: CTPI (Coördinatie Team Plaats Incident)- Er wordt een CTPI ingesteld, dat op basis van gelijkwaardigheid functioneert;
- Het incident vraagt om een multidisciplinair gecoördineerde aanpak. Coördinatie bij degene waar het zwaartepunt ligt. Deelnemers: Politie, Brandweer, GHOR en de gemeente;
- De adviseur crisisbeheersing (ACB) van de gemeente kan zonodig één of meer gemeentelijke processen activeren (bijvoorbeeld voorlichting en opvangen & verzorging). Hij/zij overlegt hierover met de gemeentesecretaris en burgemeester;
- Het incident blijft binnen de gemeentegrens.
|
GRIP 2: COPI (Commando Plaats Incident)- Het CTPI komt te staan onder een eenhoofdige leiding en wordt dan COPI;
- Deelnemers: GHOR, Politie, Brandweer en de ACB van de gemeente (of een plaatsvervanger);
- De burgemeester roept de kernbezetting van het Gemeentelijk Beleidsteam (GBT) bijeen;
- De kernbezetting van het Regionaal Operationeel Team (ROT - wordt gevestigd in het COV-gebouw aan de Briljantlaan te Utrecht) komt bijeen. Communicatie zit in kernbezetting GBT;
- Coördinatie ligt bij de brandweer, tenzij het zwaartepunt bij een andere dienst ligt. Afhankelijk van de aard en omvang worden gemeentelijke processen (waaronder communicatie) geactiveerd;
- Het incident blijft binnen de gemeentegrens;
- De piketfunctionaris van het kabinet CdK wordt in kennis gesteld;
- Burgemeesters buurgemeenten worden zonodig geïnformeerd.
|
| GRIP 3: CORT (Commando Rampterrein) - Er is sprake van een 'ramp';
- GBT en ROT worden volledig operationeel;
- Het COPI wordt CORT;
- Deelnemers: GHOR, Politie, Brandweer en ACB van de gemeente;
- De CdK wordt in kennis gesteld;
- Het gemeentelijk Coördinatieteam, de Actiecentra en de uitvoeringsteams gaan hun taken uitvoeren;
- De calamiteit blijft binnen de gemeentegrens;
|
| GRIP 4: RCBT (Regionaal Coördinerend BeleidsTeam - Wanneer meerdere gemeenten bij de calamiteit betrokken zijn, wordt opgeschaald naar GRIP 4 en worden CORT, ROT en GBT's geadviseerd door het RCBT;
- De CdK is de voorzitter van het RCBT. Bij zijn afwezigheid is de burgemeester van Utrecht en daarna de burgemeester van Amersfoort zijn vervanger;
- Het Commando RampTerrein (CORT) heeft de leiding op het rampterrein;
- Operationele leiding ligt bij de brandweer, tenzij de voorzitter van het RCBT een andere voorziening treft;
- De gemeentelijke processen (waaronder communicatie) worden geactiveerd;
- Het Provinciaal Coördinatie Centrum (PCC) wordt operationeel;
- Het Nationaal Coördinatie Centrum (NCC) wordt door het PCC in kennis gesteld
- Het incident is gemeentegrensoverschrijdend;
|
| |